Flemhudersee-Moltenort,
Tjonge wat is het stil op het kanaal.
Heel weinig vrachtschepen varen er al een aantal dagen op,t kanaal.
Het valt ons gewoon op.
Hoe zou dat komen? Zou het de Corona
crisis zijn of het verhoogde kanaalgeld wat de sluismeester van
Gieselau vertelde toen ik hem vroeg of het net als vorig jaar €18,-
kanaalgeld was gebleven.
Voor de kleine bootjes is het gelijk
gebleven voor de grote jongens is het duurder geworden.
De overligdag op Flemhudersee was weer
fijn. Er lagen een stuk of 10 jachten voor anker en 2 tussen de
palen. Toen de laatste wegvoer was het stil. Maar niet lang. De
laatste Duitser was na een half uur terug en ging op de hele verlaten
Flemhudersee op nog geen 10 meter naast ons liggen. Ik had het pas
later door. Wat zijn ze toch raar die Duitsers (en Zweden). We kwamen
al zwaaiend (boot) voor anker nog net niet tegen elkaar aan. Hij was
gelijk naar beneden gegaan dus ik dacht er is iets met de motor. Maar
nee. Hangmat werd gepakt. Dus ik er toch maar wat van zeggen. Waarom
zo dichtbij als het hele meer vrij is. Volgens hem ging ales goed en
hij had blijkbaar nul privacy nodig.
Ik zei nu gaat het goed, maar straks
als de wind wegvalt en we gaan drijven of er komt een groot
vrachtschip aan dan wordt het knal. Dit was een stalen jacht. Als het
polyester was dan maak ik me er niet zo druk over. Dan heeft hij de
meeste schade.
Maar na mijn verzoek werd het anker er
uit gehaald en zonder motor op een andere plek er weer in gedaan. Een
iets prettiger afstand. Rare jongens die Germanen zou Obelix zeggen.
Wij lagen net op de lijn van verboden
gebied. In de middag kwamen er verscheidene schepen die het hele
meertje opvoeren. W.o een Noor. Die ging met zijn splinternieuw
aluminium jacht over alle ondieptes en stukken beton en stenen. Het
duurde een uur voordat eindelijk het anker er in ging. Natuurlijk
voor hem wereldvreemd als je als Noor op modder moet ankeren.
Een Hollander met een Bronsveen kotter
ging helemaal achterin tussen de palen liggen.
Als wij het hadden gedaan waren we
weggestuurd. Nu kwamen er geen kanaalbootjes langs.
Wel leuk om iedereen te zien knoeien
met de stalen palen en met een onbekend gebied.
Nog even gezwommen. Heerlijk water.
Flink zout en zowaar hele kleine kwalletjes.
In de avond lagen we weer met een stuk
of tien schepen in het kleine gebiedje.
We wilden op tijd weg richting Holtenau
ivm de boodschappen en het tanken.Ik kon Jan bewegen om even wat
eerder op te staan. We zouden 9 uur anker op. Het werd 8.30 uur. En
gelukkig maar.
Met een aantal boten voeren we richting
de sluis. Het is van Flemudersee nog maar 60 minuten.
Toen de sluis in zicht was zag ik er al
een jachtje in liggen. Het is dan nog 10 minuten tot de sluis. Het
zal toch niet. Beetje gas erbij. Het witte licht bleef knipperen. We
hadden al betaald dus we hoefden niet tegen de kant om af te rekenen.
Een bootje nog wel. En ja hoor iedereen incl het bootje wat nog moest
betalen kon nog mee. Ik denk dat een AIS aan boord een voordeel is.
Ze kunnen in ieder geval zien waar je bent en hoe laat je in de sluis
kan liggen.
Soms werpt dus iets eerder weggaan dan
gepland zijn vruchten af.
Na ons gingen er weer 6 jachten in het
kanaal op zonder vrachtschip. Ongekend. Geen enkel vrachtschip
gezien.
Eenmaal met 6 boten door de sluis op
naar Moltenort. We wilden eerst naar Holtenau maar ik had op Internet
gezocht naar een tankstelle. Die was een beetje te ver van de haven.
Dus maar door naar Moltenort. Daar was veel plek om te liggen. Veel
Duitsers zijn op vakantie dat scheelt. Ben je hier in april dan is er
amper plek.
Op naar de tankstelle. Ook wat Benzine
voor de buitenboord motor. Helemaal vergeten in Nederland. Dus
fietsje uit de bakskist en rijden maar.
Nog even naar de winkel vanmiddag voor
verse waar en morgen hier bij de kiosk verse broodjes.
Wat wil een mens nog meer. Als je hier
in deze haven ligt dan bekomt je gelijk het vakantiegevoel. Hele
aardig havenmeester. Een heel gemoedelijke mediterrane sfeer en lekker
rustig. Laboe is ook wel leuk maar te toeristisch te veel prikkels.
Met de Duiters naast ons en de
havenmeester praten we nog even over hoe naar Denemarken te gaan. De
Duitser naast ons zei mij dat je je ook moest melden bij de POLITI.
Maar dat lijk mij niet nodig. De havenmeester vond het een
onduidelijke situatie daar.
Het weer wordt slecht. De straalstroom
komt op de 50e breedte graad te liggen. Dit is een glijbaan voor
vervelend weer. We zoeken dan ook maar de oostkust van Denemarken op.
Beetje beschutting. De golven zijn minder hoog en de uitgangspositie
om terug te komen naar Kiel is beter.
Morgen zuid-westen wind. We beginnen
bij 3 bft en eindigen bij 6. We denken te ankeren in de Vemming
Bugten. Vrijdag de regen en harde wind trotseren achter ons anker en
misschien zaterdag naar Flensburg. Een stad waar we in die 40 jaar
dat we hier varen nog nooit geweest zijn met de boot. Hoewel je beter
grote steden kunt mijden in Corona tijd is een stad met wat vertier
in een week van slecht weer ook een prettig vooruitzicht. We zien
wel. De eerste berichten van herstel van het mooie weer komen ook al
boven drijven.”Alles komt goed” stond in een boek als gezegde van
een man waarvoor veel tegen zat. Als hij daar steun aanhad doen wij
het ook maar.
Morgen is er weer een dag.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten